Voor het eerst in ons bestaan waren er meerdere voorronden nodig om het deelnemersveld van de finaledag te bepalen. Deze voorronden, gehouden in Amsterdam, Spaarnwoude, Winkel, Assen en Almkerk, leverden allemaal vijf finalisten af. Deze groep werd aangevuld met de Nederlands Kampioenen van afgelopen jaren, de nationaal vrouwen kampioene van 2013 en de winnaars van het bedrijventoernooi. Maar daar bleef het niet bij. Alle bij de FIFG aangesloten landen mochten hun nationaal kampioen afvaardigen, waar zeven landen (België, Hongarije, Groot Brittanië, Noorwegen, Zuid-Afrika, Italië en Frankrijk) gehoor aan gaven. Het laatste deel van het deelnemersveld werd gevormd door (oud)profvoetballers.

Alle spelers werden op sterkte op een plaatsingslijst geplaatst, waarna 18 flights van vijf personen werden gevormd. Iedereen had in de ochtend de uitdaging om 18 holes zo goed mogelijk te spelen. De eerste negen holes van de baan op golfbaan Spaarnwoude waren vooral technisch, de tweede negen kenden meer lengte en waterhindernissen. Hierdoor moesten alle deelnemers het beste in hun spel naar boven halen.

Na 18 holes werden de scores op een rij gezet, waarna de groep spelers in tweeën werd gedeeld. De ene groep ging op het technische parkoers vechten om de plekken 46-90, terwijl de andere groep op de langere holes om de hoofdprijs streed. In deze laatste groep ontspon een enorm spannende strijd. Op de allerlaatste hole maakten nog vier spelers kans op de nationale titel. Uiteindelijk was het Rudi Zaal die het beste spel liet zien en de titel voor zich opeiste. Tweede werd Rein Kok, nog net voor Björn Bulk. Marcel Peeper werd met de vijfde plek de beste oud-prof.